zelf

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zelf

Aanwijzend voornaamwoord

zelf

  1. in eigen persoon, niet een ander
    • Zeg nou zelf, zou ik ooit zoiets doen? 
  2. in tegenstelling met iets anders
    • Hij was zelf echter niet geraakt door de kogel. 
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie