meervoud

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • meer·voud
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van meer met het achtervoegsel -voud
enkelvoud meervoud
naamwoord meervoud meervouden
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

meervoud o

  1. woord dat in die vorm aan meerdere voorwerpen, mensen of dieren refereert
Verwante begrippen
Vertalingen

Meer informatie