zelfbeoordeling
Uiterlijk
- zelf·be·oor·de·ling
- samenstelling van zelf en beoordeling
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | zelfbeoordeling | zelfbeoordelingen |
| verkleinwoord | - | - |
de zelfbeoordeling v
- een verklaring waarin men het eigen functioneren aan een oordeel onderwerpt
- Een realistische zelfbeoordeling heeft echter veel voordelen.
- Het woord zelfbeoordeling staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.