computer

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
Een computer.

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • com·pu·ter
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord computer computers
verkleinwoord computertje computertjes

Zelfstandig naamwoord

computer m

  1. (informatica) informatieverwerkende machine die door een reeks instructies (het programma) bewerkingen kan uitvoeren
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van
computeren

computer

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van computeren
    • Ik computer. 
  2. gebiedende wijs van computeren
    • Computer! 
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van computeren
    • Computer je? 

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. etymologiebank.nl


Engels

Uitspraak
  • IPA:
    • VK: /kəmˈpjuːtə/
    • VS: /kəmˈpjutɚ/
enkelvoud meervoud
computer computers

Zelfstandig naamwoord

computer

  1. (informatica) computer


Italiaans

Zelfstandig naamwoord

computer m

  1. (informatica) computer


Papiamento

Woordherkomst en -opbouw
  • Van het Engelse of Nederlandse computer.
enkelvoud of
impliciet meervoud
expliciet meervoud
  computer     computernan  

Zelfstandig naamwoord

computer

  1. (informatica) computer
Schrijfwijzen
  • Schrijfwijze op Bonaire en Curaçao: kòmpiuter.


Tsjechisch

Uitspraak
  • IPA: /kɔmpjuːtr̩/, /kɔmpʊtɛr/


Woordafbreking
  • com·pu·ter
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Engels.

Zelfstandig naamwoord

computer m onbezield

  1. (informatica) computer
Verbuiging
Schrijfwijzen
Synoniemen
Afgeleide begrippen


Verwijzingen