verbuiging

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·bui·ging
Woordherkomst en -opbouw
  • Naamwoord van handeling van verbuigen met het achtervoegsel -ing.
enkelvoud meervoud
naamwoord verbuiging verbuigingen
verkleinwoord verbuiginkje verbuiginkjes

Zelfstandig naamwoord

verbuiging v

  1. (taalkunde) het veranderen van de vorm van een naamwoord of voornaamwoord om een zekere grammaticale rol aan te duiden
  2. het veranderen van de buiging, een geval van mechanische vervorming
    • De botsing had tot een verbuiging van het chassis van de auto geleid. 
Synoniemen
  1. declinatie
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
98 % van de Vlamingen.

Meer informatie