linker
Uiterlijk
- lin·ker
- In de betekenis van ‘tegenover rechter’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1477 [1]
- Afgeleid van links met het achtervoegsel -er
| stellend | |
|---|---|
| onverbogen | linker |
| verbogen |
linker [2]
- aan die zijde van het lichaam waar gewoonlijk het hart zit
- Waar is de linker handschoen gebleven?
- Naamwoord van handeling van linken met het achtervoegsel -er [3]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | linker | linkers |
| verkleinwoord | - | - |
Niet in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie als zelfstandig naamwoord
- (informatica) link-editor (programma om diverse sourcecodes te 'linken')
- iets dat aan de linkerkant is
- ▸ In zijn rechterhand hield hij een lauwertak vast en in zijn linker een scepter.[5]
- ▸ Maar Caesar zag me wel, want hij stond met zijn gezicht naar de deur toe en stootte van achteren in haar, met zijn rechterhand op haar gezwollen buik en zijn linker losjes op zijn heup, als een of andere fat op een straathoek.[5]
- ▸ De overige twee kinderen liggen met opgetrokken knieën te slapen, hun hoofd in de schoot van de visser, zijn rechterhand ligt rustig op het ene voorhoofd, zijn linker op het andere.[6]
linker
- onverbogen vorm van de vergrotende trap van link
- Het woord linker staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "linker" herkend door:
| 100 % | van de Nederlanders; |
| 97 % | van de Vlamingen.[7] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ "linker" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑ linker op website: Etymologiebank.nl
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- 1 2 “Imperium” (2006), Cargo, ISBN 9023420535
- ↑ Samantha Harvey“In Orbit” (2024), De Bezige Bij
, ISBN 9789403135625 - ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 6
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 2 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Achtervoegsel -er in het Nederlands
- Bijvoeglijk naamwoord in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Niet met deze vorm in Woordenlijst Nederlandse Taal
- Informatica in het Nederlands
- Bijvoeglijknaamwoordsvorm in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 100 %
- Prevalentie Vlaanderen 97 %