bar

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
bar [1]
bar [4]

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • bar
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord bar bars
verkleinwoord barretje barretjes

Zelfstandig naamwoord

bar v/m

  1. kroeg, café
  2. (natuurkunde), (techniek) eenheid van druk (circa 1 atmosfeer), weergegeven met het symbool bar
    • Eén bar is gelijk aan 100 kilopascal (100kPa.) 
  3. (Jiddisch-Hebreeuws) zoon
  4. (van het Engels) streep, staaf (-> barcode, candybar)
    • De ballerina's oefenden aan de bar. 
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen bar barder barst
verbogen barre bardere barste
partitief bars barders -

Bijvoeglijk naamwoord

bar

  1. verschrikkelijk, met name bijzonder koud: barre omstandigheden
    • De vluchtelingen leefden onder barre omstandigheden. 
Verwante begrippen
Afgeleide begrippen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen


Nynorsk

Woordafbreking
  • bar

Werkwoord

bar

  1. verleden tijd van bere


Pools

Periodiek systeem der elementen (pol)
H He
Li Be B C N O F Ne
Na Mg Al Si P S Cl Ar
K Ca Sc Ti V Cr Mn Fe Co Ni Cu Zn Ga Ge As Se Br Kr
Rb Sr Y Zr Nb Mo Tc Ru Rh Pd Ag Cd In Sn Sb Te I Xe
Cs Ba * Hf Ta W Re Os Ir Pt Au Hg Tl Pb Bi Po At Rn
Fr Ra ** Rf Db Sg Bh Hs Mt Ds Rg Cn Uut Uup Uus Uuo
* La Ce Pr Nd Pm Sm Eu Gd Tb Dy Ho Er Tm Yb Lu
** Ac Th Pa U Np Pu Am Cm Bk Cf Es Fm Md No Lr

Zelfstandig naamwoord

bar m

  1. (scheikunde), (element) Ba, barium.


Spaans

Uitspraak
Woordafbreking
  • bar
enkelvoud meervoud
bar bars

Zelfstandig naamwoord

bar m

  1. bar, kroeg


Tsjechisch

Uitspraak
Woordafbreking
  • bar

Zelfstandig naamwoord

bar m onbezield

  1. bar, kroeg, café
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen


Zweeds

Woordafbreking
  • bar

Werkwoord

bar

  1. verleden tijd actief van bära.