ferm

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ferm
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen ferm fermer fermst
verbogen ferme fermere fermste
partitief ferms fermers -

Bijvoeglijk naamwoord

ferm

  1. krachtig, kracht tonend
    De partij neemt ferme standpunten in.
    Hij gaf hem een ferme klap op de schouder.
Vertalingen

Gangbaarheid

95 % van de Nederlanders
95 % van de Vlamingen.


Pools

Zelfstandig naamwoord

  1. ferm - fermium; een scheikundig element met symbool Fm en atoomnummer 100