ondiepte

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • on·diep·te
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord ondiepte ondiepten
ondieptes
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

ondiepte v

  1. (scheepvaart) een plek waar het water te weinig diepte heeft voor een veilige doorvaart
    • Het schip was op die verraderlijke ondiepte vastgelopen en stukgebroken. 
Antoniemen

Gangbaarheid

94 % van de Nederlanders;
88 % van de Vlamingen.