en

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
Andere schrijfwijzen Niet te verwarren met: eenén

Nederlands

[3] en symbool
[5] ampersand en-teken
Uitspraak
Woordafbreking
  • en
Woordherkomst en -opbouw
  • afkomstig van:
Middelnederlands: ende
Oudnederlands: enda, anda
Germaans: *andi
Indo-Europees: *h₂entí
  • Verwant in Germaans:
West: Engels: and (Angelsaksisch: and, end, ond), Duits: und, (Oudhoogduits: inti, enti, unta), Fries: en, in (Oudfries: ende)
Noord: Zweeds: än, Deens end, (Oudnoords: enn), IJslands: enn, Faeröers: enn

Voegwoord

en

  1. (tweeletterwoord) wordt gebruikt om zinsdelen of begrippen aan elkaar toe te voegen
    Ik vind dit en dat.
  2. wordt gebruikt tussen de laatste woorden van een opsomming
    Fietsen, brommers en motoren zijn verboden.
  3. wordt gebruikt als synoniem voor de wiskundige bewerking plus
    Één en één is twee.
  4. (in de logica) als verkorte aanduiding voor een conjunctie.
    A en B en C.
  5. ampersand & is het en-teken
Synoniemen
Verwante begrippen
Tweeletterwoorden in het Nederlands

afahaiatbo

Vertalingen


Catalaans

Voornaamwoord

en

  1. er, ervan (vóór het werkwoord)
    «En mengen molt.»
    Ze eten er veel van.
    «Quants gats teniu? — En tenim tres.»
    Hoeveel katten hebben jullie? — We hebben er drie (van).
Opmerkingen

en vervangt een zinsdeel dat begint met het voorzetsel de, en zinsdelen die een hoeveelheid aanduiden.


Deens

Uitspraak
Woordafbreking
  • en
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Oudnoordse woord einn
Naar frequentie 8
Telwoord (dan)
0
1 11 10 100 103
2 12 20 106
3 13 30 109
4 14 40 1012
5 15 50 1015
6 16 60 1018
7 17 70 1021
8 18 80 1024
9 19 90 1027

Hoofdtelwoord

en

  1. (tweeletterwoord) één

Lidwoord

en (onbepaald lidwoord voor het gemeenschappelijke geslacht)

  1. een
Schrijfwijzen
Verwante begrippen
  • et (onbepaald lidwoord voor onzijdige woorden)

Onbepaald voornaamwoord

en

  1. iemand (een persoon)
  2. men
Verwante begrippen
Verwante begrippen
Tweeletterwoorden in het Deens

adafalatbydadeduejenénerethajajoninunyogohokomoposparosasetitoudviåhårøh


Frans

Uitspraak
Woordherkomst en -opbouw
  • (voorzetsel): Uit Latijn in.
  • (bijwoord/voornaamwoord): Uit Oudfrans ent (10e eeuw), ontwikkeld uit Latijn inde ‘daarvandaan, vandaar’.

Voorzetsel

en

  1. in
    «Croire en Dieu.»
    In God geloven.
    «Mettre en œuvre.»
    In het werk stellen.
    «Bon en mathématiques.»
    Goed in wiskunde.
  2. met een gemechaniseerd vervoermiddel.
    «Je suis allé en Corse en avion, mais je suis revenu en bateau.»
    Ik ben met het vliegtuig naar Corsica gegaan, maar met de boot teruggekomen.
  3. Voor een gérondif.
    «En forgeant. Lambert hochait la tête en souriant (BEAUVOIR, Mandarins).»
    Lambert knikte al glimlachend bij het smeden.
  4. Vervangt à of au in bepaalde gevallen.
    «En Europe, on essaie d’être pragmatique.»
    In Europa trachten we pragmatisch te zijn.
    «En France - mais au Québec.»
    In Frankrijk - maar in Québec.

Bijwoord

en

  1. vandaan
    «La piscine ? J’en viens !»
    Het zwembad? Daar kom ik net vandaan!

Persoonlijk voornaamwoord

en

  1. ervan, erover.
    «J’en ai marre.»
    Ik heb er schoon genoeg van.
    «J’en ai été informé.»
    Ik ben ervan op de hoogte gesteld.


Noors

En
Één
Uitspraak
Woordafbreking
  • en
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Oudnoordse woord einn
Naar frequentie 6

Bijwoord

en

  1. (tweeletterwoord) circa, ongeveer
Uitdrukkingen en gezegden
  • for en sju, åtte år siden
ongeveer zeven à acht jaar geleden
Telwoord (nor)
0
1
1
11 10 100 103
2 12 20
20
200 106
3 13 30
30
300 109
4 14 40
40
400 1012
5 15 50 500 1015
6 16 60 600 1018
7
7
17 70 700 1021
8 18 80 800 1024
9 19 90 900 1027

Hoofdtelwoord

en (onbepaald voor mannelijke en vrouwelijke woorden)

  1. één, 1
Verwante begrippen
  • ei (onbepaald voor vrouwelijke woorden)
  • ett (onbepaald voor onzijdige woorden)
  • første

Lidwoord

en (onbepaald voor mannelijke en vrouwelijke woorden)

  1. een
    «Og jeg har alltid hatt lyst til å skrive en bok om en yngre jente som kommer til storbyen.»
    En ik heb altijd zin gehad om een boek te schrijven over een jong meisje dat naar de grote stad gaat.
Schrijfwijzen
Verwante begrippen
  • ei (onbepaald voor vrouwelijke woorden)
  • et (onbepaald voor onzijdige woorden)

Onbepaald voornaamwoord

en

  1. iemand (een persoon)
    «Det var en som spurte etter deg.»
    Er was iemand die naar je vroeg.
  2. men
    «En kan nesten daglig se i arbeiderpartipressen at ...»
    Men kan bijna dagelijks zien in de pers van de arbeiderspartij dat ...
Verwante begrippen
  • ei (onbepaald voor vrouwelijke woorden)
  • et (onbepaald voor onzijdige woorden)
Verwante begrippen
Tweeletterwoorden in het Noors

akamanatavbabeBHbhbobydadedidodueieneretfagagihajajolamininunyogOKokògomrosasesitatitoTVtvutviøløvår


Pennsylvania-Duits

Uitspraak
Woordafbreking
  • en

Lidwoord

en, m

  1. (tweeletterwoord) een
    «Er waar en arrig bschaffigte Dichder un Schreiwer.»
    Hij was een erg bezige dichter en schrijver.
Opmerkingen
Verwante begrippen
Tweeletterwoorden in het Pennsylvania-Duits

aaabasdoebeeeienesinisnoohunwuya


Spaans

Voorzetsel

en

  1. in, uit, op, aan, bij, te


Zweeds

Uitspraak
Naar frequentie 7
Telwoord (swe)
0
1 11 10 100 103
2 12 20 200 106
3 13 30 300 109
4 14 40 400 1012
5 15 50 500 1015
6 16 60 600 1018
7 17 70 700 1021
8 18 80 800 1024
9 19 90 900 1027
Uitspraak

Hoofdtelwoord

en, g (onbepaald, gemeenschappelijk, enkelvoud)

  1. (tweeletterwoord) één

Lidwoord

en, g (onbepaald, gemeenschappelijk, enkelvoud)

  1. een
Verwante begrippen
  • ett (onbepaald, onzijdig, enkelvoud)
Verwante begrippen
Tweeletterwoorden in het Zweeds

alavbibobyCDdeduejekenergehaisjajokoleninunyomrosaosesytatetyurviånåråsåtärätöl