wiskundig

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wis·kun·dig
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen wiskundig wiskundiger wiskundigst
verbogen wiskundige wiskundigere wiskundigste
partitief wiskundigs wiskundigers -

Bijvoeglijk naamwoord

wiskundig

  1. (wiskunde) op wiskunde betrekking hebbend of er gebruik van makend
    • De fysische chemie tracht chemische verschijnselen met wiskundige modellen te verklaren. 
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen