Naar inhoud springen

maand

Uit WikiWoordenboek
  • maand
enkelvoud meervoud
naamwoord maand maanden
verkleinwoord maandje maandjes

demaandv/m

  1. (tijdrekening), (eenheid) elk van de twaalf met een eigen naam onderscheiden tijdvakken van 28, 30 of 31 dagen waarin een jaar verdeeld wordt
    • Ik ben geboren in de maand juli. 
     Juli was een mooie maand in Arazuelo.[2]
  2. (tijdrekening), (eenheid) een tijdsperiode van ongeveer 30 dagen
     De pup blijkt een maand oud te zijn.[3]
     Je moet binnen een maand schriftelijk reageren op de klacht.[3]
     Waarom ging ik zes maanden op de Pacific Crest Trail (PCT) dwars door Amerika lopen? Tja, waarom niet.[4]
     Mensen zijn van slag en geschokt. Na een maand waarin iedereen verwachtte dat het zou gaan gebeuren, waren we er zo'n beetje over uit dat die nog best een tijd vol zou kunnen houden. Dit is een donderslag bij heldere hemel en Rome zal vandaag in rouw zijn."[5]


Maanden in het Nederlands
januari februari maart april mei juni juli augustus september oktober november december
  • de afgelopen maanden
  • met drie maanden verlengd
  • Alleen de tijdsaanduidingen op -r blijven na een bepaald telwoord in het enkelvoud: drie uur, drie jaar; maar: drie dagen, drie weken, drie maanden.
99 %van de Nederlanders;
100 %van de Vlamingen.[6]
  1. "maand" in:
    Sijs, Nicoline van der
    , Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org
    ; ISBN 90 204 2045 3
  2. Jessie Burton vert. Marja Borg
    “De muze” (2017), Luitingh-Sijthoff op Wikipedia, ISBN 9789024574704
  3. 1 2
    Marion Pauw e.a.
    “4 wandelaars en een Siciliaan” (2022), The House of Books, ISBN 9789044363340
  4. Tim Voors
    “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  5. Bronlink geraadpleegd op 21 april 2025 Weblink bron “Bedroefde reacties op dood van paus: 'Miljoenen mensen geïnspireerd'” (21 april 2025), NOS
  6. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be

maand

  1. maand