millennium

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • mil·len·ni·um
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het modern Latijn, in de betekenis van ‘tijdperk van 1000 jaar’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1886 [1]
  • Van Latijn mille (duizend) en annum (jaar). [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord millennium millennia
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

millennium o

  1. (tijdrekening), (eenheid) een periode van 1000 jaar
Verwante begrippen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
95 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen