roze

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ro·ze
Woordherkomst en -opbouw
  • Van het Franse rose.
enkelvoud meervoud
naamwoord roze
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

roze o

  1. (kleur) bepaalde kleur tussen wit en rood, heel bleek of licht rood
    Heeft u die ook in het roze?
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen roze rozer rozest
verbogen roze rozere rozeste
partitief rozes rozers -

Bijvoeglijk naamwoord

roze

  1. (kleur) de kleur roze hebbend
    Hij rijdt in een roze auto.
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Meer informatie