rose

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ro·se
Woordherkomst en -opbouw
  • Van het Franse rose.
enkelvoud meervoud
naamwoord rose
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

rose o

  1. (kleur) een zeer bleekrode tertiaire kleur

Bijvoeglijk naamwoord

rose

stellend
onverbogen rose
verbogen rose
  1. (kleur) de kleur rose hebbend
    We hebben een rose flamingo gezien.
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Uitdrukkingen en gezegden
  • door een rose bril bekijken.
zaken al te positief bezien.
Vertalingen



Engels

Uitspraak

Bijvoeglijk naamwoord

rose

  1. (kleur) roos
enkelvoud meervoud
rose roses

Zelfstandig naamwoord

rose

  1. roos
  2. (RAL-kleur) bleekrood, een kleur met RAL-nummer 3017



Frans

Uitspraak
  enkelvoud meervoud
  mannelijk  /
  vrouwelijk  
rose roses

Bijvoeglijk naamwoord

rose

  1. (kleur) roze
enkelvoud meervoud
zonder lidwoord met lidwoord zonder lidwoord met lidwoord
  rose     le rose     roses     les roses  

Zelfstandig naamwoord

rose m

  1. (kleur) roze

rose v

  1. (plantkunde) roos
  2. (bouwkunde) roosvenster, rozet, rozetvenster


Friulisch

Zelfstandig naamwoord

rose

  1. bloem