magenta

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ma·gen·ta
enkelvoud meervoud
naamwoord magenta -
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

magenta o

  1. (kleur) een kleur tussen rood en blauw
    • Magenta is een primaire kleur in het subtractieve kleursysteem en een secundaire kleur in het additieve kleursysteem. 
Hyponiemen
Vertalingen

Bijvoeglijk naamwoord

magenta

  1. (kleur) de kleur magenta hebbend
    • Op het computerscherm had de tekening een magenta achtergrond. 

Gangbaarheid

86 % van de Nederlanders
90 % van de Vlamingen.

Meer informatie



Duits

Bijvoeglijk naamwoord

magenta

  1. (kleur) magenta