haan

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

haan van Gallus gallus domesticus
Uitspraak
Woordafbreking
  • haan
enkelvoud meervoud
naamwoord haan hanen
verkleinwoord haantje haantjes

Zelfstandig naamwoord

haan m

  1. (vogels) mannelijk dier bij de hoenderachtige vogels
    • De haan kraaide ons vroeg wakker. 
  2. het onderdeel van een vuurwapen dat een slaande beweging maakt als de trekker wordt overgehaald
Verwante begrippen
Uitdrukkingen en gezegden
  • Haantje de voorste
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie