ahan

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Anglo-Normandisch

Zelfstandig naamwoord

ahan

  1. ontbering, lijden
  2. leed, ellende
Schrijfwijzen
Uitdrukkingen en gezegden
  • [1]: faire ahan a
iemand ergeren, iemand problemen veroorzaken
  • [1]: mettre en ahan
iemand ergeren of iemand problemen veroorzaken voor je eigen plezier of voordeel