dompelaar

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • dom·pe·laar
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord dompelaar dompelaars
verkleinwoord dompelaartje dompelaartjes

Zelfstandig naamwoord

dompelaar m [2]

  1. (techniek) iets wat in een vloeistof wordt ondergedompeld
  2. (elektrotechniek) warmtespiraal die in een hoeveelheid vloeistof gezet kan worden om die te verwarmen
  3. (vogels) bepaald soort watervogel, duiker
Vertalingen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
94 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen