spreken

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • spre·ken
Woordherkomst en -opbouw
  • In de betekenis van ‘praten’ voor het eerst aangetroffen in 901 [1]
  • afkomstig van:
Middelnederlands: spreken
Oudnederlands: sprekan
Germaans: *sprekanan
  • Verwant in Germaans:
West: Engels: speak (Angelsaksisch: sprecan, specan), Duits: sprechen, (Oudhoogduits: sprehhan), Fries: sprekke, spreeke (Oudfries: spreka)
naamwoord van handeling
zelfstandig bijvoeglijk
spreken sprekend
gesprek gesproken
spraak
spreuk


stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
spreken
/ˈsprekə(n)/
sprak
/sprɑk/
gesproken
/ɣə'sprokə(n)/
klasse 4 volledig

Werkwoord

spreken

  1. inergatief zich met behulp van de stem uiten
    • Hij sprak heel zachtjes. 
  2. inergatief ~ over een bepaald onderwerp aansnijden
    • Hij sprak daar met geen woord over. 
Synoniemen
Antoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Uitdrukkingen en gezegden
  • iemand niet te na gesproken
iemand, veelal uit respect, uitsluiten van de gedane uitspraak
  • niet te spreken zijn over iets
ergens erg op tegen zijn, boos zijn over iets
•  Hogeschool Saxion is absoluut niet te spreken over het plan voor de herziening van de bekostiging van het hoger onderwijs in Nederland. Dat zegt bestuursvoorzitter Anka Mulder. Als die plannen doorgaan, gaat er jaarlijks 4 miljoen euro minder naar de hogeschool. „Dat kunnen wij niet accepteren, dit voorstel moet van tafel.” [2] 
  • Spreken is zilver, zwijgen is goud.
soms kun je beter je mond houden
  • Boekdelen spreken
iets zeer duidelijk kunnen zien, bv in iemand gezicht
  • De prins spreken
Dronken zijn
  • Een hartig woordje met iemand spreken.
  • Iemand onder vier ogen spreken
praten met iemand zonder dat anderen erbij zijn
  • In het huis van de gehangene spreekt men niet van de strop
  • Met twee tongen spreken
niet eerlijk zijn
  • Voor de vuist weg (spreken)
zonder voorbereiden iets moeten vertellen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen