spreekvaardigheid

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • spreek·vaar·dig·heid
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord spreekvaardigheid spreekvaardigheden
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

spreekvaardigheid v

  1. het kunnen spreken zodanig dat een ander kan begrijpen je iemand zegt
    • Spreekvaardigheid is meer dan alleen maar een goede uitspraak hebben. 
    • Spreekvaardgiheid is één van de vier taalvaardigheden. 

Gangbaarheid