slag

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • slag
Woordherkomst en -opbouw

[A]

1-3 enkelvoud meervoud
naamwoord slag slagen
verkleinwoord slagje slagjes

Zelfstandig naamwoord

slag

  1. m (militair) militair treffen
    • Adolf van Nassau bleef in de slag. 
    • De Slag aan de Somme was een grote slag tijdens de Eerste Wereldoorlog, waarbij meer dan een miljoen slachtoffers vielen [2] 
     De Slag om de Schelde was hierbij heel belangrijk. Soldaten uit Canada, Groot-Brittannië en Polen vochten vijf weken lang tegen soldaten uit Duitsland. Het was heel zwaar maar uiteindelijk wonnen ze. Dit werd afgelopen weekend herdacht in Terneuzen.[3]
     Wie dit soort momenten heeft meegemaakt, weet dat de geschiedenis van volkeren wordt bepaald door de uitslag van de grote slagen.[4]
  2. m het opzettelijk doen belanden van een hand of een voorwerp op iemand
    • De slagen regenden neer op zijn gezicht. 
  3. m (figuurlijk) een pijnlijke of nadelige gebeurtenis
    • Hij kreeg slag op slag te verwerken, eerst stierf zijn vrouw, daarna zijn zoon. 
  4. m (kaartspel) een aantal kaarten, van iedere speler gewoonlijk één, die door een bepaalde speler gewonnen worden
    • Door de lengte van zijn troefkaart wist hij nog twee slaagjes te winnen. 
  5. m geluid gemaakt door een ontploffing of een klap (slagwerk)
  6. m het slaan van het hart (hartslag) dat voelbaar is aan de pols (polsslag)
  7. m beweging van de armen bij zwemmen (zwemslag)
  8. m beweging van de benen bij schaatsen (schaatsslag)
  9. m een draaiing van iets (een slag in het haar)
  10. m de keer dat iets ronddraait
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Uitdrukkingen en gezegden
Vertalingen

[B]

4 enkelvoud meervoud
naamwoord slag -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

slag o

  1. een soort of categorie, gewoonlijk van mensen
    • Mensen van zijn slag beginnen zeldzaam te worden. 
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.[5]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. "slag" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
  2. Wikipedia
  3. Bronlink Weblink bron nieuwsbegrip.nl “75 jaar vrijheid in Nederland” (2-9-2019), CED-groep
  4. Jan Guillou (vert. Bart Kraamer) “Tussen rood en zwart” (2014), Uitgeverij Prometheus, ISBN 9789044625691
  5. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be