kaartspel

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kaart·spel
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord kaartspel kaartspellen
kaartspelen
verkleinwoord kaartspelletje kaartspelletjes

Zelfstandig naamwoord

kaartspel o

  1. een spel met speelkaarten
    • Het schijnt dat veel mensen dat Amerikaanse kaartspel erg leuk vinden. 
  2. een spel kaarten
    • Heb je het kaartspel meegenomen? 
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie