opslag

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • op·slag
Woordherkomst en -opbouw
  • Samenstelling van op en slag
enkelvoud meervoud
naamwoord opslag opslagen
verkleinwoord opslagje opslagjes

Zelfstandig naamwoord

opslag m

  1. berging, tijdelijke plaatsing van goederen
    • De meubels zijn nog in opslag, maar we kunnen ze morgen afhalen. 
  2. (sport) het de lucht inspelen van de bal om deze zo in het spel te brengen
    • De tegenstander liet de bal uitgaan en zo kreeg hij de opslag. 
  3. loonsverhoging
  4. het opslaan (van de ogen bijv: oogopslag)
Verwante begrippen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie