tegenslag

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • te·gen·slag
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord tegenslag tegenslagen
verkleinwoord tegenslagje tegenslagjes

Zelfstandig naamwoord

tegenslag m

  1. het gebeuren van ongeluk
    • De auto die kapot ging, was een echte tegenslag. 
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.