slagveer
Uiterlijk
- slag·veer
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | slagveer | slagveren |
| verkleinwoord |
- grote veer in de vleugel van een vogel
- deel van een pistool of geweer
- veer die het slag mechanisme van een klok aandrijft
- [1] slagpen
- Het woord slagveer staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.