ham

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ham
enkelvoud meervoud
naamwoord ham hammen
verkleinwoord hammetje hammetjes

Zelfstandig naamwoord

ham v/m

  1. (voeding) het vlees van de achterkant van een varken
    Veel mensen vinden ham heerlijk.
  2. (anatomie) een dikke dij van een mens
    Daar bevindt zich de ham.
Vertalingen

Meer informatie


Afrikaans

Zelfstandig naamwoord

ham

  1. ham


Deens

Persoonlijk voornaamwoord

ham

  1. hem (mannelijke vorm, deerde persoon enkelvoud, datief en accusatief)
    «Moderen gav ham et brev.»
    Zijn moeder gaf hem een ​​brief.

De Deense persoonlijke voornaamwoorden

De Deense persoonlijke voornaamwoorden
Enkelvoud 1. 2. 2. formeel 3. m 3. v 3. o
Nominativ jeg du De han hun det
Genitiv min din Deres hans hendes dets
Dativ - dig Dem ham - det
Akkusativ mig dig Dem ham hende det
Meervoud 1. 2. 3. mv
Nominativ vi I de
Genitiv vores jeres deres
Dativ os jer -
Akkusativ os jer dem



Engels

Uitspraak
Woordafbreking
  • ham
enkelvoud meervoud
ham hams

Zelfstandig naamwoord

ham

  1. ham


Noors

Uitspraak
Woordafbreking
  • ham
Naar frequentie 38

Persoonlijk voornaamwoord

ham

  1. hem (mannelijke vorm, deerde persoon enkelvoud, datief en accusatief, van personen)
    «Det er uholdbart for ham å være tredjekeeper.»
    Het is onaanvaardbaar voor hem om als derde keeper te fungeren.
Schrijfwijzen
  • han (mannelijke vorm, deerde persoon enkelvoud, datief en accusatief, van personen)
Synoniemen
  • den (mannelijke vorm, deerde persoon enkelvoud, datief en accusatief, van dingen)

De Noorse persoonlijke voornaamwoorden (in het bokmål)

hoeveelheid / speciale geval persoon woordgeslacht en delgroepen onderwerp (nominatief) voorwerp (accusatief) Nederlands (nominatief)
enkelvoud 1.  
jeg
meg
ik
2.  
du
deg
jij
3. mannelijk :
personen
dingen

han
den

han / ham
den
hij
vrouwelijk :
personen
dingen

hun
den

henne
den
zij
onzijdig
det
det
het
meervoud 1.  
vi
oss
wij
2.  
dere
dere
jullie
3.  
de
dem
zij
beleefdheidsvorm 2.  
De
Dem
U, u


Veluws

Zelfstandig naamwoord

ham

  1. de arend van een zeis