jeg

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Deens

Uitspraak
Woordafbreking
  • jeg
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Oudnoorse voornaamwoord ek
Naar frequentie 2

Persoonlijk voornaamwoord

jeg

  1. ik
  enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   jeg     jeget     jeger     jegerne  
genitief   jegs     jegets     jegers     jegernes  

Zelfstandig naamwoord

jeg, o

  1. ego
  2. (letterkunde) de verteller of vertelster in eerste persoon enkelvoud in een literaire tekst (ik-verteller)


Noors

Uitspraak
Woordafbreking
  • jeg
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Oudnoorse voornaamwoord ek
Naar frequentie 1

Persoonlijk voornaamwoord

jeg

  1. ik
    «Hvordan registrerer jeg meg som bruker?»
    Hoe kan ik mij als gebruiker registreren?
Uitdrukkingen en gezegden
  • Du er større enn jeg.
Du er større enn meg.
Jij bent groter dan ik.

De Noorse persoonlijke voornaamwoorden (in het bokmål)

hoeveelheid / speciale geval persoon woordgeslacht en delgroepen onderwerp (nominatief) voorwerp (accusatief) Nederlands (nominatief)
enkelvoud 1.  
jeg
meg
ik
2.  
du
deg
jij
3. mannelijk :
personen
dingen

han
den

han / ham
den
hij
vrouwelijk :
personen
dingen

hun
den

henne
den
zij
onzijdig
det
det
het
meervoud 1.  
vi
oss
wij
2.  
dere
dere
jullie
3.  
de
dem
zij
beleefdheidsvorm 2.  
De
Dem
U, u
  enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   jeg     jeget     jeg
jeger  
  jega
jegene  
genitief   jegs     jegets     jegs
jegers  
  jegas
jegenes  

Zelfstandig naamwoord

jeg, o

  1. ego
    «Jeget er bare et flyktiq fenomen i tiden mellom fødsel og død, en illusjon som opphører når sjelen forlater legemet.»
    Het ego is slechts een los verschijnsel in de tijd tussen geboorte en dood, een illusie die opheeft wanneer de ziel het lichaam verlaat.
Uitdrukkingen en gezegden
  • jeget og omverdenen
ikzelf en de buitenwereld