om

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • om
Woordherkomst en -opbouw
  • afkomstig van:
Middelnederlands: ombe, omme
Oudnederlands: umbi, umbe
Germaans: *umbi
Indo-Europees: *ambʰi-
  • Verwant in Germaans:
West: Engels: umb, umbe (Angelsaksisch: ymbe), Duits: um, (Oudhoogduits: umbi), Fries: om, umme (Oudfries: umbe, ombe)
Noord: Zweeds/Deens/Noors: om, (Oudnoors: umb), IJslands/Faeröers: um

Voorzetsel

om

  1. omheen, rond, rondheen, aan alle kanten van iets.
    Om de kerk ligt een ring, bestaande uit een gracht met bomen.
  2. als aanduiding van het tijdstip waarop iets begint.
    Het volgende journaal is om 14:30.
Synoniemen

Voegwoord

om ... te + infinitief

  1. leidt een beknopte bijzin in: het effect dat men wil bereiken.
    Ik ga sonjabakkeren om af te vallen.
    Een druk op de knop is voldoende om de bus te laten stoppen.
Synoniemen

Bijwoord

  vnw. bijw.
  voorzetselbijwoord     om  
 persoonlijk     erom  
aanwijz.   nabij     hierom  
  veraf     daarom  
  vragend/betrekk.     waarom  
  1. bijwoordelijk deel van een scheidbaar werkwoord
    omdraaien: hij draaide het argument om in zijn betoog
  2. prepositionaal deel van een voornaamwoordelijk bijwoord
    erom: hij heeft er hartelijk om moeten lachen.


Aromaans

Uitspraak

Zelfstandig naamwoord

om

  1. mens


Deens

Uitspraak
Woordafbreking
  • om
Woordherkomst en -opbouw
  • Bijwoord en voorzetsel: Afkomstig van de Oudnoorse woorden um en umb
  • Voegwoord: Vergelijk de Oudnoorse woorden ef en em (aan).

Bijwoord

om

  1. rond
  2. erover
    «Vi fik en melding om, at en mand er blevet skudt i hovedet.»
    We kregen een rapport (erover) dat een man werd in het hoofd geschoten.
Synoniemen

Voegwoord

om

  1. om

Voorzetsel

om

  1. om
  2. rond
  3. betreffende
  4. over (in tijdelijke opzicht)
    «Toget kører om ti minutter.»
    De trein vertrekt over tien minuten.


Indonesisch

Woordafbreking
  • om
Woordherkomst en -opbouw

Zelfstandig naamwoord

om

  1. (familie) oom
Synoniemen


Noors

Uitspraak
Woordafbreking
  • om
Woordherkomst en -opbouw
  • Bijwoord en voorzetsel: Afkomstig van de Oudnoorse woorden um en umb
  • Voegwoord: Vergelijk de Oudnoorse woorden ef en em (aan).
  • Zelfstandig naamwoord: Vergelijk het Oudnoorse woord ómun (geluid, klank, stem).
Naar frequentie 27

Bijwoord

om

  1. rond

Voegwoord

om

  1. om

Voorzetsel

om

  1. om
  2. rond
  3. betreffende
    «Planene om lyntog fra Oslo til København skrinlegges.»
    De plannen betreffende een hogesnelheidstrein van Oslo naar Kopenhagen zullen worden begraven.
  4. over (in tijdelijke opzicht)
    «Toget går om ti minutter.»
    De trein vertrekt over tien minuten.
  enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   om     omen     omer     omene  
genitief   oms     omens     omers     omenes  

Zelfstandig naamwoord

om m

  1. galm, dof geluid
    «Jeg hører omen av kirkeklokkene.»
    Ik hoor het doffe geluid van kerkklokken.


Nynorsk

Uitspraak
Woordafbreking
  • om
Woordherkomst en -opbouw
  • (Bijwoord en voorzetsel) afkomstig van de Oudnoorse woorden um en umb
  • (Voegwoord) vergelijk de Oudnoorse woorden ef en em (aan).
  • (Zelfstandig naamwoord) vergelijk het Oudnoorse woord ómun (geluid, klank, stem).

Bijwoord

om

  1. rond

Voegwoord

om

  1. om

Voorzetsel

om

  1. om
  2. rond
  3. betreffende
  4. over (in tijdelijke opzicht)
    «Toget går om ti minutt.»
    De trein vertrekt over tien minuten.
  enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   om     omen     omar     omane  

Zelfstandig naamwoord

om m

  1. galm, dof geluid


Zweeds

Uitspraak
Woordafbreking
  • om

Voorzetsel

om

  1. als, indien