omkopen
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- om·ko·pen
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| omkopen |
kocht om |
omgekocht |
| zwak -cht | volledig | |
Werkwoord
omkopen
- (overgankelijk) (iemand ~) met behulp van geschenken, geld e.d. overhalen om van zijn plicht, partij, overtuiging te verzaken
- De gokbazen kochten de doelman van de thuisploeg om.