over

Uit WikiWoordenboek

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak

Lettergrepen
  • o·ver

Bijwoord

over

  1. voorbij, gedaan
    Hun vriendschap was voorgoed over.
    Het duurde zeer lang tot zijn kater over was.
  2. nog resterend
    Hoeveel voedsel is er nog over?
    De kledij die over was van de uitverkoop, werd aan goede doelen geschonken.

Vertalingen

Voorzetsel

over

  1. wat betreft
    Ik schrijf een boek over mijn leven.
    Hij vertelt een zeer interessant verhaal over zijn avonturen.
  2. op of langs de oppervlakte van
    De maaidorser rijdt over het landbouwlandschap.
    De losgeslagen hond sprong over het hek.
  3. na verloop van
    Over twee maand wordt ze zestien jaar.
    Deze yoghurt wordt over drie dagen slecht.
  4. via, langs
    Ik rijd over Luxemburg naar de Alpen.
    Als men naar Marseille wil, moet men over Lyon.
  5. naar de andere kant van
    Om de overkant te bereiken moet men over die brug heen.
    De reis over het meer duurt slechts enkele tientallen minuten.
  6. meer dan
    Zij is ver over de dertig jaar oud.
    Vele basketbalspelers zijn over de twee meter lang.

Vertalingen
Aspecten/acties
Persoonlijke instellingen