kost

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kost
Woordherkomst en -opbouw
  • In de betekenis van ‘uitgave, levensonderhoud’ voor het eerst aangetroffen in 1240 [1]
  • [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord kost kosten
verkleinwoord kostje kostjes

Zelfstandig naamwoord

kost m

  1. de prijs: de kost gaat de baat vooruit
  2. (voeding) voeding: de kost verdienen
Verwante begrippen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van
kosten

kost

  1. enkelvoud tegenwoordige tijd van kosten
  2. gebiedende wijs van kosten

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Verwijzingen


Deens

Uitspraak

Zelfstandig naamwoord

kost

  1. (gereedschap) bezem (redskab)

Meer informatie


Nedersaksisch

Zelfstandig naamwoord

kost

  1. (voeding) kost; voeding


Veluws

Zelfstandig naamwoord

kost

  1. (voeding) kost; voeding