al

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
Andere schrijfwijzen Niet te verwarren met: AlaL, aℓ

Universeel

Woordherkomst en -opbouw
  • Samenstelling van “l” (liter) met het voorvoegsel “a” (atto-)

Symbool

al

  1. (wiskunde), (eenheid) het symbool voor attoliter, gelijk aan 0,000.000.000.000.000.001 liter
Schrijfwijzen
Verwante begrippen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • al
Woordherkomst en -opbouw
  • afkomstig van:
Middelnederlands: al
Oudnederlands: al, ol
Germaans: *allaz
Indo-Europees: *al-
  • Verwant in Germaans:
West: Fries/Afrikaans: al, Engels: all, Schots: aw, Duits: all (Oudhoogduits, allīhho, Jiddisch: אַלץ (alts)
Noord: Zweeds: all, Deens: al, Noors; all, alt, IJslands/Faeröers: allur
Oost: Gotisch: alls

Bijwoord

al

  1. reeds
    Hij heeft het al geprobeerd.
  2. versterkend
    Dat is al te dol!
  3. ~ + deelwoord: terwijl, tijdens
    Al wandelend kwam hij zijn oude vriend tegen.
Vertalingen

Voegwoord

al

  1. ook wanneer, ondanks dat
    Al is hij nog zo moe, hij blijft gewoon doorgaan.

Onbepaald voornaamwoord

al

  1. geheel
    Hij probeerde het met al zijn macht.
Antoniemen
Afgeleide begrippen


Angelsaksisch

Zelfstandig naamwoord

āl o

  1. vuur


Engels

enkelvoud meervoud
al als

Zelfstandig naamwoord

al

  1. (tweeletterwoord), (plantkunde) Morinda citrifolia Wikispecies-logo-en.png noni of Indische moerbei
Verwante begrippen
Tweeletterwoorden in het Engels

aaabadaeagahaialamanarasatawaxaybabebibobydadedidoedefehelemeneresetexfafigigohahehihmhoidifinisitjokakilalilomamemimmmomumynanenonuodoeofohoiomonoporosowoxoypapepiqireshsisotatitouhumunupusutwewoxixuyayeyoza


Limburgs

Uitspraak

Bijwoord

al

  1. (Hooglimburgs) al
  2. (Hooglimburgs) alles
  3. (Hooglimburgs) helemaal

Zelfstandig naamwoord

al o

  1. (Hooglimburgs) heelal, universum
Verbuiging


Middelengels

Voegwoord

al

  1. al, ook al


Spaans

Woordherkomst en -opbouw

Samenvoeging van a en el.

Uitspraak

Voorzetsel

al

  1. aan de
    «Doy el libro al vecino.»
    Ik geef het boek aan de buurman.


Zweeds

Zelfstandig naamwoord

al

  1. els


Turks

Bijvoeglijk naamwoord

al

  1. rood
  2. blozend