wiskunde

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wis·kun·de
Woordherkomst en -opbouw
  • In de 17e eeuw door Simon Stevin als wisconst (kunst van het gewisse of zekere) (met het achtervoegsel -kunde)
enkelvoud meervoud
naamwoord wiskunde -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

wiskunde v

  1. (wetenschap) de formele studie van patronen en structuren
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Meer informatie


Afrikaans

Woordafbreking
  • wis·kun·de

Zelfstandig naamwoord

wiskunde

  1. (wetenschap) wiskunde.


Fries

Woordafbreking
  • wis·kun·de

Zelfstandig naamwoord

wiskunde

  1. (wetenschap) wiskunde.