all

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Engels

Uitspraak
Woordherkomst en -opbouw
  • afkomstig van:
Angelsaksisch: eall (al, elke, geheel)
Germaans: *allaz (al, geheel)
Indo-Europees: *al- (al)
  • Verwant in Germaans:
West: Nederlands/Fries/Afrikaans: al, Schots: aw, Duits: all (Oudhoogduits, allīhho, Jiddisch: אַלץ (alts)
Noord: Zweeds: all, Deens: al, Noors; all, alt, IJslands/Faeröers: allur
Oost: Gotisch: alls

Onbepaald voornaamwoord

all

  1. al, alle
    «All my friends like classical music.»
    Al mijn vrienden houden van klassieke muziek.
  2. geheel
    «I have worked on this all day.»
    Ik heb hier de gehele dag aan gewerkt.
  3. iedereen
    «Justice voor all
    Gerechtigheid voor iedereen!


Noors

Uitspraak
Woordafbreking
  • all
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Oudnoorse woord allr.
Naar frequentie 476

Onbepaald voornaamwoord

all

  1. al, alle
stellend vergrotend overtreffend
onbepaald
(sterk)
m/v enkelvoud all - -
o enkelvoud alt
meervoud alle
bepaald
(zwak)
enkelvoud en
meervoud
alle - -

Bijvoeglijk naamwoord

all

  1. alle, geheel, al
    «Etter noen dager hadde han spist opp all maten.»
    Na een paar dagen had hij al het voedsel opgegeten.
Antoniemen


Nynorsk

Uitspraak
Woordafbreking
  • all
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Oudnoorse woord allr.

Onbepaald voornaamwoord

all

  1. al, alle
stellend vergrotend overtreffend
onbepaald
(sterk)
m/v enkelvoud all - -
o enkelvoud alt
meervoud alle
bepaald
(zwak)
enkelvoud en
meervoud
alle - -

Bijvoeglijk naamwoord

all

  1. alle, geheel, al
    «I eit halvt års tid brukte han nesten all fritida si på å skrive ein roman.»
    In een half jaar had hij bijna al zijn vrije tijd nodig om een roman te schrijven.
Antoniemen