Limburgs

Uit WikiWoordenboek

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

ISO 639-3
lim
bestand
Uitspraak
Woordafbreking
  • Lim·burgs

Zelfstandig naamwoord

Limburgs o

  1. (taal) verzamelnaam van een reeks variëteiten van de Germaanse taalfamilie, gesproken in Limburg aan beide zijden van de Belgisch-Nederlandse staatsgrens, in de buurt van Budel, de Voerstreek en in Selfkant in Duitsland.
Vertalingen

Bijvoeglijk naamwoord

Limburgs

  1. (demoniem) verwant aan Limburg.
Verwante begrippen
Demoniemen bij Limburg in het Nederlands

inwoner: Limburger • inwoonster: Limburgse • bijvoeglijk: Limburgs

Meer informatie

Persoonlijke instellingen