geheel

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
enkelvoud meervoud
naamwoord geheel gehelen
verkleinwoord - -
Woordafbreking
  • ge·heel

Zelfstandig naamwoord

geheel o

  1. alle delen zonder uitzondering
    Het geheel is vaak meer dan de som van de delen.
Vertalingen
stellend
onverbogen geheel
verbogen gehele

Bijvoeglijk naamwoord

geheel

  1. op alle delen zonder uitzondering betrekking hebbend
    Wikimedia is nu in de gehele wereld bekend.