tak

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • tak
enkelvoud meervoud
naamwoord tak takken
verkleinwoord takje takjes

Zelfstandig naamwoord

tak m

  1. een deel van een boom of struik dat aan de stam vastzit en waaraan bladeren groeien
Holoniemen
Afgeleide begrippen
Anagrammen
Vertalingen


Afrikaans

Uitspraak
enkelvoud meervoud
naamwoord tak takke

Zelfstandig naamwoord

tak

  1. tak


Deens

Uitspraak

Tussenwerpsel

tak

  1. bedankt, dank u


Faeröers

Uitspraak

Zelfstandig naamwoord

tak o

  1. dak
  2. grip
Verbuiging
  enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   tak     takið     tøk     tøkini  
genitief   taks     taksins     taka     takanna  
datief   taki     takinum     tøkum     tøkunum  
accusatief   tak     takið     tøk     tøkini  



Indonesisch

Uitspraak
Woordafbreking
  • tak
Woordherkomst en -opbouw
  • verkorte vorm van tidak

Bijwoord

tak

  1. nee; ontkenning die betrekking heeft op gezegde of bepaling
    «Bisa bicara bahasa Inggris? - Tak.»
    Spreekt u Engels? - Nee.
  2. niet; ontkenning van gezegde of bepaling
    «tak adil»
    onrechtvaardig
Synoniemen


Noors

Uitspraak
Woordafbreking
  • tak
Woordherkomst en -opbouw
  • [1-3] Afkomstig van het Oudnoorse woord þak.
  • [4-7] Afkomstig van het Oudnoorse woord ta.

Zelfstandig naamwoord

tak o

  1. dak
    «Bil kjørte av veien og havnet på taket ved E6 i Skjeberg.»
    Een Auto reed van de weg en belandde op het dak op de E6 in Skjeberg.
  2. plafond
  3. (figuurlijk) bovengrens
  4. greep
  5. krachtproef
  6. vat, greep
  7. groeve
Verbuiging
o enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   tak     taket     tak     taka
takene  
genitief   taks     takets     taks     takas
takenes  
Gelijkklinkende woorden
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen


Nynorsk

Uitspraak
Woordafbreking
  • tak
Woordherkomst en -opbouw
  • [1-3] Afkomstig van het Oudnoorse woord þak.
  • [4-7] Afkomstig van het Oudnoorse woord ta.

Zelfstandig naamwoord

tak o

  1. dak
  2. plafond
  3. (figuurlijk) bovengrens
  4. greep
  5. krachtproef
  6. vat, greep
  7. groeve
Verbuiging
o enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   tak     taket     tak     taka  
genitief                        
o
bijvorm
enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief                     taki  
genitief                        
Gelijkklinkende woorden
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen


Pools

Uitspraak

Bijwoord

tak

  1. ja


Tsjechisch

Uitspraak

Bijwoord

tak

  1. zo


Zweeds

Uitspraak

Zelfstandig naamwoord

tak o

  1. dak
  2. plafond
Verbuiging
  enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   tak     taket     tak     taken  
genitief   taks     takets     taks     takens