maretak

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ma·re·tak
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord maretak maretakken
verkleinwoord maretakje maretakjes

Zelfstandig naamwoord

maretak m

  1. (plantkunde) Viscum album op Wikispecies een halfparasitische plant die op bomen vooral vanaf Zuid-Limburg in zuidelijke richting voorkomt
    • De maretak werd net als de hulst en de klimop gezien als boden van de komende lente. 
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

95 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen