aardappel

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
[2] Aardappels

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • aard·ap·pel
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord aardappel aardappelen, aardappels
verkleinwoord aardappeltje aardappeltjes

Zelfstandig naamwoord

aardappel m

  1. (plantkunde) Solanum tuberosum op Wikispecies, plant van de soort (Nachtschadefamilie)
    • Het bovengrondse groene gedeelte van de aardappel is giftig. 
  2. (voeding) eetbare knol van die plant
    • Bartje bidt niet voor aardappels 
    • Aardappelen, vlees, groente is de standaard hoofdmaaltijd in Nederland 
  3. (in samenstellingen) van of met betrekking tot aardappels
    • Aardappelpuree wordt door veel kinderen verkozen boven gewone gekookte aardappels. 
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Meer informatie

Verwijzingen

  1. etymologiebank.nl