spottend

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • spot·tend

Werkwoord

vervoeging van: spotten
verbogen vorm: spottende

spottend

  1. onvoltooid deelwoord van spotten
    • Ook spreekt hij Erdogan aan. Spottend met de inconsistentie in diens ambitie om zoveel mogelijk lokale producten te gebruiken, vraagt hij: ,,Waar komt al dat marmer vandaan in het Witte Paleis dat je voor jezelf liet bouwen? Hier uit Bilecik?" ,,Nee!" schreeuwt de menigte. ,,Dat marmer werd ingevoerd uit India", zegt een van de aanwezigen. [1] 
    • Trump noemde Warren eerder spottend 'Pocahontas', een verwijzing naar een indianenprinses uit de zeventiende eeuw. Hij beloofde in juli een miljoen dollar te zullen doneren aan het favoriete goede doel van de Democrate als zij kon bewijzen dat ze Indiaanse voorouders heeft. Dat kan een dure grap worden voor de president. [2] 
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen spottend spottender spottendst
verbogen spottende spottendere spottendste
partitief spottends spottenders -

Bijvoeglijk naamwoord

spottend

  1. op een grappige manier beledigend
    • ,,Hoi", zeg ik met een geforceerde glimlach. Ze kijkt vragend naar de man aan mijn zijde, Hani, een Libanese vriend. Hij oogt excentriek en draagt, behalve opvallend kleurrijke kleding, een spottende glimlach. "Dit is Hani, hij komt uit Libanon en spreekt slecht Engels." [3] 
Synoniemen


Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Verwijzingen


Duits

Woordafbreking
  • spot·tend
stellend vergrotend overtreffend
spottend
spottender
am spottendsten
alle verbuigingsvormen

Bijvoeglijk naamwoord

spottend

  1. spottend
    «Er sprach mit einer spottenden Stimme.»
    Hij sprak met een spottende stem.

Bijwoord

spottend

  1. spottend

Werkwoord

spottend

  1. onvoltooid deelwoord van spotten