ram

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
Andere schrijfwijzen Niet te verwarren met: RAMRahm, ran

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ram
enkelvoud meervoud
naamwoord ram rammen
verkleinwoord rammetje rammetjes

Zelfstandig naamwoord

ram m

  1. (zoogdieren) een mannelijk schaap
    Je moet een ram niet verwarren met een ooi!
Verwante begrippen
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van
rammen

ram

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van rammen
    Ik ram.
  2. gebiedende wijs van rammen
    Ram!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van rammen
    Ram je?


Deens

Uitspraak
Woordafbreking
  • ram
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Oudnoorse woord rámr.
stellend vergrotend overtreffend
onbepaald
(sterk)
g enkelvoud ram rammere rammest
o enkelvoud ramt
meervoud ramme
bepaald
(zwak)
enkelvoud en
meervoud
ramme rammere rammeste

Bijvoeglijk naamwoord

ram

  1. (van geur of smaak) krachtig en sterk: bijtend, bitter, sauer, scherp
  2. (van personen en uitingen) grov, hard, scherp
Synoniemen

Werkwoord

ram

  1. gebiedende wijs van ramme


Friulisch

Periodiek systeem der elementen (fur)
H He
Li Be B C N O F Ne
Na Mg Al Si P S Cl Ar
K Ca Sc Ti V Cr Mn Fe Co Ni Cu Zn Ga Ge As Se Br Kr
Rb Sr Y Zr Nb Mo Tc Ru Rh Pd Ag Cd In Sn Sb Te I Xe
Cs * Hf Ta W Re Os Ir Pt Au Hg Tl Pb Bi Po At Rn
Fr Ra ** Db Sg Bh
* Pr Nd Pm Sm Eu Gd Tb Dy Ho Tm Yb Lu
** Ac Th Pa U Np Pu Am Cm Bk Cf Es Fm Md No

Zelfstandig naamwoord

ram

  1. (element) koper


Noors

Uitspraak
Woordafbreking
  • ram
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Oudnoorse woord rámr.
Naar frequentie 7013
stellend vergrotend overtreffend
onbepaald
(sterk)
m/v enkelvoud ram rammere rammest
o enkelvoud ramt
meervoud ramme
bepaald
(zwak)
enkelvoud en
meervoud
ramme rammere rammeste

Bijvoeglijk naamwoord

ram

  1. flink (b.v. lopen)
  2. geraffineerd, vreselijk, geweldig (b.v. liegen)
  3. staag, vast, volhardend (van ernst)
  4. ranzig sterk (van smaak)
Synoniemen

Werkwoord

ram

  1. gebiedende wijs van ramme


Nynorsk

Uitspraak
Woordafbreking
  • ram
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Oudnoorse woord rámr.
stellend vergrotend overtreffend
onbepaald
(sterk)
m/v enkelvoud ram rammare rammast
o enkelvoud ramt
meervoud ramme
bepaald
(zwak)
enkelvoud en
meervoud
ramme rammare rammaste

Bijvoeglijk naamwoord

ram

  1. flink (b.v. lopen)
  2. geraffineerd, vreselijk, geweldig (b.v. liegen)
  3. staag, vast, volhardend (van ernst)
  4. ranzig sterk (van smaak)
Synoniemen
Afgeleide begrippen

Werkwoord

ram

  1. gebiedende wijs van ramma

Werkwoord

ram

  1. gebiedende wijs van ramme