volhardend

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • vol·har·dend
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen volhardend volhardender volhardendst
verbogen volhardende volhardendere volhardendste
partitief volhardends volhardenders -

Bijvoeglijk naamwoord

volhardend

  1. moeilijkheden taai trotserend
    • Hij is toch wel een volhardendere man dan Gijs. 
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van: volharden
verbogen vorm: volhardende

volhardend

  1. onvoltooid deelwoord van volharden

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.