opkomen

Uit WikiWoordenboek

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • op·ko·men
Woordherkomst en -opbouw
  • Samenstelling van komen met het voorvoegsel op-.
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
opkomen
kwam op
opgekomen
volledig

Werkwoord

opkomen

  1. iemand verdedigen.
    Hij kwam op voor de gepeste jongen.
  2. omhoog komen.
    De maan lijkt van achter de zee op te komen.
Persoonlijke instellingen