na

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
Andere schrijfwijzen Niet te verwarren met: Na

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • na
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen na nader naast
verbogen (naë) nadere naaste

Bijvoeglijk naamwoord

na

  1. dichtbij staand.
    Dit vereist een nader onderzoek.
    Ik proef in 't zuivre morgenlicht
    Als een nog woordeloos gedicht
    Uw naë afwezigheid — Boutens
  2. verwant
    Dit is zijn naaste familie.
Opmerkingen
  • De vormen van de stellende trap zijn verouder(en)d en de vergrotende en overtreffende trap functioneren meer en meer als afzonderlijke bijvoeglijke naamwoorden.

Voorzetsel

  • na
    1. in tijd volgend op
    Na regen komt zonneschijn
    2. later komend in de bewegingsrichting
    Je moet na de kerk linksaf slaan.
    3. later in tijd
    We worden na zeven uur verwacht.
    4. later in volgorde
    De hofdame kwam na de koningin binnen.
Synoniemen
Antoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Bijwoord

  vnw. bijw.
  voorzetselbijwoord     na  
 persoonlijk     erna  
aanwijz.   nabij     hierna  
  veraf     daarna  
  vragend/betrekk.     waarna  
  1. bijwoordelijk deel van een scheidbaar werkwoord
    nakijken: hij keek het huiswerk na
  2. prepositionaal deel van een voornaamwoordelijk bijwoord
    erna: hij heeft er weinig na weten te bereiken.
  3. te ~ te dicht erbij, te veel in iemands vaarwater.
    Je moet hem niet te na komen, dan krijg je problemen.
Uitdrukkingen en gezegden
  • iemand niet te na gesproken
iemand, veelal uit respect, uitsluitend van de gedane uitspraak
  1. De goeden niet te na gesproken, maar de zorg kan naar mijn idee zovele malen beter.


Afrikaans

Voorzetsel

na

  1. naar
    «Ek smag nog na die miere, die krieke, die bye, die besies en die bloedrooi grond. »
    Ik smacht nog naar de mieren, de krekels, de bijen, de beestjes en de bloedrode grond.


Lingala

Voorzetsel

na

  1. aan, met, in

Voegwoord

na

  1. en


Papiamento

Voorzetsel

na

  1. naar; in de richting van


Surinaams

Bijvoeglijk naamwoord

na

  1. dichtbij

Voorzetsel

na

  1. te