turkooisblauw

Uit WikiWoordenboek

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • tur·koois·blauw
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord turkooisblauw
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

turkooisblauw o

  1. (RAL-kleur) een kleur blauw met RAL-nummer 5018.
    • Heeft u die ook in het turkooisblauw? 
stellend
onverbogen turkooisblauw
verbogen turkooisblauwe

Bijvoeglijk naamwoord

turkooisblauw

  1. (RAL-kleur) deze kleur hebbend, een kleur blauw, met RAL-nummer 5018.
    • Hij rijdt in een turkooisblauwe auto. 
Vertalingen


Gangbaarheid