wand

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wand
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord wand wanden
verkleinwoord wandje wandjes

Zelfstandig naamwoord

wand m [2]

  1. een verticale afscheiding tussen twee vertrekken in een woonlaag van een gebouw
    Je kunt deze wand beter een lichtere kleur geven.
  2. meer algemeen: verticaal oprijzend vlak (-> bergwand)
  3. nog algemener: omsluiting (-> celwand)
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen
Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl
  2. Woordenboek der Nederlandse taal

Meer informatie