top

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • top
enkelvoud meervoud
naamwoord top toppen
verkleinwoord topje topjes

Zelfstandig naamwoord

top m

  1. hoogste punt, (bovenste) uiteinde
  2. grootst mogelijke, hoogst bereikbare (topsnelheid, topsport)
    het enige wat top was aan de topmanager was zijn topsalaris
  3. (bedrijfskunde) de leiding van een bedrijf, de directeur en of de topmanagers
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Anagrammen
Vertalingen

Tussenwerpsel

top Niet in de woordenlijst van de Taalunie (als interjectie)

  1. ik stem toe!
Vertalingen

Werkwoord

vervoeging van
toppen

top

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van toppen
    Ik top.
  2. gebiedende wijs van toppen
    Top!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van toppen
    Top je?

Meer informatie


Engels

Uitspraak

Bijvoeglijk naamwoord

top

  1. bovenste