management

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ma·nage·ment
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Engels.
enkelvoud meervoud
naamwoord management -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

management o

  1. (bedrijfskunde) de leiding van een organisatie, de verzameling managers
    • De laatste jaren merken wij dat ons werk door de regeldrang van het management praktisch onmogelijk wordt gemaakt 
  2. (bedrijfskunde) de activiteit van het besturen van een organisatie
Synoniemen
  1. [1] bedrijfsleiding, bestuur, directie, leiding
  2. [2] administratie, beheer
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
98 % van de Vlamingen.

Meer informatie


Engels

Zelfstandig naamwoord

management

  1. (bedrijfskunde) management.


Frans

Zelfstandig naamwoord

management

  1. (bedrijfskunde) management.