proton

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pro·ton
enkelvoud meervoud
naamwoord próton protónen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

proton o

  1. (scheikunde), (natuurkunde) subatomair deeltje met een positieve elektrische lading en een rustmassa van 1 amu (1,6726231×10-27 kg)
  2. (financieel), (economie) Belgische elektronische portemonnee in de vorm van een chip
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Meer informatie


Afrikaans

Zelfstandig naamwoord

proton

  1. (scheikunde) proton.


Bosnisch

Zelfstandig naamwoord

proton

  1. (scheikunde) proton.


Bretons

Zelfstandig naamwoord

proton

  1. (scheikunde) proton.


Deens

Zelfstandig naamwoord

proton

  1. (scheikunde) proton.


Engels

Zelfstandig naamwoord

proton

  1. (scheikunde) proton.


Frans

Zelfstandig naamwoord

proton

  1. (scheikunde) proton.


Hongaars

Zelfstandig naamwoord

proton

  1. (scheikunde) proton.


Indonesisch

Zelfstandig naamwoord

proton

  1. (scheikunde) proton.


Latijn

Zelfstandig naamwoord

proton

  1. (neologisme), (scheikunde) proton.


Litouws

Zelfstandig naamwoord

proton

  1. (scheikunde) proton.


Noors

Zelfstandig naamwoord

proton

  1. (scheikunde) proton.


Pools

Zelfstandig naamwoord

proton

  1. (scheikunde) proton.


Roemeens

Zelfstandig naamwoord

proton

  1. (scheikunde) proton.


Sloveens

Zelfstandig naamwoord

proton

  1. (scheikunde) proton.


Tsjechisch

Zelfstandig naamwoord

proton

  1. (scheikunde) proton.


Turks

Woordafbreking
  • pro·ton
enkelvoud meervoud
nominatief   proton     protonlar  
genitief   protonun     protonların  
datief   protona     protonlara  
accusatief   protonu     protonları  
locatief   protonda     protonlarda  
ablatief   protondan     protonlardan  

Zelfstandig naamwoord

proton

  1. (scheikunde) proton.


Zweeds

Zelfstandig naamwoord

proton

  1. (scheikunde) proton.